Mogelijke resultaten AIT
Heeft de training altijd succes? Meestal wel, maar er zijn geen garanties. Het komt een enkele keer voor dat er niets gebeurt. Helaas is niet duidelijk waar dat door veroorzaakt wordt, zodat het niet van tevoren in te schatten is hoe groot de kans op succes is. De resultaten variëren van “boven verwachting goed” tot “het heeft zeker iets gedaan”. Onze ervaringen tot op heden is dat overgevoeligheden voor specifieke geluiden eigenlijk altijd verdwijnen. Ouders melden vooruitgang bij hun kinderen in de volgende opzichten:
- emotionele ontwikkeling
- spraak- taalontwikkeling
- meer ontspannen zijn
- minder agressief gedrag
- opener voor zowel eigen als andermans emoties
- meer intonatie in de stem
- betere concentratie
- afname van hyperactiviteit en probleemgedrag
- vooruitgang in lezen
- betere schoolprestaties
Vaak merkt men tijdens de training al iets van effecten, maar het kan ook enige tijd duren (tot maximaal 3 maanden) voordat er resultaat te merken is. Het is nog steeds niet bekend hoe en waarom AIT werkt. Er zijn inmiddels meer dan 20 zeer uiteenlopende theorieën over ontwikkeld, maar zekerheid betaat (nog) niet. Onderstaand een opsomming van veranderingen in auditieve prikkelverwerking en gedrag na het ondergaan van AIT, zoals gemeten in diverse onderzoeksprojecten. De onderzoeken hebben zich gericht op kinderen met autisme, een ASS, ADHD en/of CAPD. Deze informatie is afkomstig van het Autism Research Institute (ARI) in San Diego, Californië.
- een toename van gehoorscherpte
- een afname van spreiding op het audiogram (een harmonieuzer audiogram)
- een sterke afname in probleemgedrag vanaf 1 maand na beëindiging van de AIT, gemeten
- met diverse gedragsobservatielijsten.
- een toegenomen tolerantie voor geluid.
- normalisering van hersenactiviteit gemeten met een PET scan
- vooruitgang in prestaties op diverse taaltests.
- vooruitgang in prestaties op de TONI (een non-verbale intelligentie test).
- verbetering in het visueel kunnen volgen van objecten, zowel in horizontale als in verticale richting.
Een algemene tendens die men vond is dat de laag functionerende autisten na AIT meer gedragsverbetering vertoonden dan de hoger functionerende. De verklaring hiervoor moet vooral gezocht worden in het feit dat hoger functionerende kinderen beter in staat zijn met hun handicaps om te gaan en dus “aangepaster” gedrag laten zien. Het betekent niet dat ze minder last hebben van hun problemen.
